Naar aanleiding van een uitspraak van de Rechtbank Overijssel over de verrekening van een compensatievergoeding uit het Uniform Herstelkader ("UHK") met een restantvordering die een bank nog heeft op haar klant, schreef Maartje een paar maanden geleden een noot in de JOR.


Hoewel het in deze uitspraak ging over een (al beëindigde) schuldsanering (met toekenning van de schone lei), richt Maartje zich in deze noot op de verrekening in geval van een faillissement. Volgens haar is het met name interessant wanneer het faillissement al is uitgesproken voor de totstandkoming van het UHK of zelfs al is beëindigd. Tot slot is het volgens Maartje in dit kader maar de vraag of zo'n compensatievergoeding, zoals de rechtbank in deze procedure overweegt, wel altijd als nagekomen bate kwalificeert. 


Wij zijn erg benieuwd of een dergelijke kwestie ter zijner tijd aan de Hoge Raad zal worden voorgelegd. U kunt de hele noot hier lezen.